|
13944 actieve gebruikers Inloggen bestaande gebruiker Aanmelden nieuwe gebruiker Naar mobiele versie |
||||
Als je een goede vriend wilt binnenlaten, zeg je ¡ ........ !
¡pasa!= kom binnen! gebiedende wijs tú (van pasar)
Het is extra hartelijk om het dubbel te zeggen.
¡pasad, pasad! = komen jullie binnen!
¡pase, pase! = komt u binnen!
Ik heb teveel borrelhapjes klaargemaakt.
(He preparado ........ canapés.)
demasiado, -a = teveel
toastje met versiering, toastje met vulling = canapé
demasiado (bijwoord) = te veel
Parece que a Bárbara le ha tocado (de hoofdprijs) ........ . ¡Si no lo veo, no lo creo!
Het lijkt erop dat Bárbara de hoofdprijs gewonnen heeft. Niet te geloven!
gordo = hoofdprijs van de loterij, letterlijk: dikke
tocarle a alguien el gordo = de hoofdprijs winnen
primero, -a = eerste
prima = premie; nicht
primo = neef
¿Os gustan las zanahorias?
zanahoria = wortel, peen
In het Spaans gebruik je een lidwoord bij zelfstandige naamwoorden wanneer je in het algemeen over iets praat → las zanahorias = wortels (in het algemeen).
artisjok = alcachofa
aubergine = berenjena
witlof = endibia
© 2019 - NU Beter Spaans is een initiatief van Martin van Toll Producties in samenwerking met de redactie van NU Beter Spaans |