11208 actieve gebruikers

Inloggen bestaande gebruiker
Aanmelden nieuwe gebruiker

Naar mobiele versie



Weetwoorden, idioom e.d. | vaste uitdrukkingen


A  B  C  D  E  F  G  H  I  K  L  M  N  O  P  Q  R  S  T  U  V  W  X  Y  Z

 

 

A

     
Abrigarse bien   Zich warm aankleden  
Actuar de malo, -a   De rol van slechterik spelen  
A eso iba   Daar wilde ik het net over hebben  
Al buen callar llaman Sancho   Zwijgen is goud  
¿A cuántos estamos?    De hoeveelste is het?  
Al grano   Ter zake  
¡Andando!   Weg zijn we!  
Andar como perros y gatos   Als kat en hond leven  
Andar con el tiempo   Met zijn tijd meegaan  
Apretarse el cinturón   De buikriem aanhalen  
Aprobar por los pelos   Met de hakken over de sloot slagen  
A propósito   Tussen haakjes (figuurlijk)  
A la francesa   Op z'n Frans  
A las tantas   Om ik weet niet hoe laat  
Aportar su granito de arena   Zijn steentje bijdragen  
¿A qué esperas?   Waar wacht je (nog) op?  
¿A qué te dedicas?   Wat doe je (voor beroep)?  

 

B

     
Bajo nivel del mar   Onder zeeniveau  
Beber los vientos por   Smoorverliefd zijn op  
¡Borrón y cuenta nueva!    Zand erover!   

 

C

     
Caer en la trampa   In de val lopen  
Cara de asco   Een vies gezicht  
cara de mala leche   Een gezicht dat op onweer staat  
Cara larga   Een lang gezicht  
Cara de palo   Een strak gezicht  
Cara de pascuas   Een vrolijk gezicht  

Cara de pocos amigos

  Een nors gezicht      

Cara de vinagre

  Een zuur gezicht  
Charlar por los codos   Honderduit praten  
¡Chin chin!   Proost!  
¡Cierra el pico!   Houd je snater, mond!  
¡Cuánto tiempo sin verte!   Wat heb ik jou lang niet gezien!  
Comer de sobaquillo   Etentje waarbij elk een hapje meebrengt  
Comer fuera   Uit eten gaan  
¡Cómo no!   Waarom niet? Natuurlijk.  
¿Cómo se te ocurrió?   Hoe kwam je op die gedachte?  
¿Cómo te llamas ya?   Hoe heet jij ook weer?  
Con una mano atrás y otra delante.   Met lege handen, zonder geld op zak  
Contarle los pelos al diablo   Op alle slakken zout leggen  
Con toda franquicia   Vrijuit  
Con mucho gusto   Graag  
Con gran lujo de detalles   In geuren en kleuren  
Costar mucho tiempo  

Lang duren

 
Creer que sí  

Denken van wel 

 
Cuento chino   Ongeloofwaardig verhaal  
¡Cuídate!   Zorg goed voor jezelf! Wees voorzichtig!  
¡Cumpleaños feliz, por muchos años!   Gelukkige verjaardag! Op de jaren die nog komen!  
Cumplir años   Jarig zijn  

 

D

     
Dar en el clavo   De spijker op z'n kop slaan  
Dar la bienvenida   Welkom heten  

Darse bien

  Aanleg hebben voor  

Dar el visto bueno

Dar la luz verde

  Groen licht geven  

Dar el pie y tomarse la mano 

  Een vinger geven en de hand nemen  

Dar largas 

  Aan het lijntje houden  
Dar la vuelta a la manzana   Een blokje omlopen  
Darle a alguien un estirón   Plots erg gegroeid zijn  
Darse la vuelta   Zich omdraaien  
Darse un garbeo   Flaneren, een eindje omlopen  
Dar un portazo   Met de deur slaan  
De arriba abajo   Van kop tot teen  
De cabo a rabo, de pe a pa   Van a tot z  
De pies a cabeza   van top tot teen  
De Guatemala a Guatepeor   Van kwaad naar erger    
Dejar en paz   Met rust laten  
Dejar un recado   Een boodschap achterlaten (tel., antwoordapparaat, enz.)  
¡Déjalo!   Houd er over op! Laat het!  
De Madrid al cielo y en el cielo un agujero para verlo    Madrid is geweldig  
De nada   Graag gedaan  
Decir adiós a   Afscheid nemen van  
Decirlo en serio   Het echt menen  
Defenderse en español   Zich kunnen redden in het Spaans  
Depende (de)   Het hangt ervan af.  
Descabezar un sueñecito   Een dutje doen  
Desde ya   Vanaf vandaag  
Despedirse a la francesa   Ervandoor gaan zonder afscheid te nemen  
De pies a cabeza   Van top tot teen  
De pura cepa   Rasecht  
Un día sí y otro no   Om de andere dag  
Dormir a cortinas verdes   In de vrije natuur overnachten  

Dormir a pierna suelta,

como un lirón 

  Slapen als een roos  
Dormir hasta las tantas   Uitslapen  
Dormir la mona   Zijn roes uitslapen  
Durar poco   Niet lang meegaan  

 

E

     
¡Échale valor!   Toon wat meer lef!  
Echar a cara o cruz   Kruis of munt gooien  
Echar balones fuera   Ontwijkende antwoorden geven  
Echar de menos   Missen  
Echarse a reír   In lachen uitbarsten  
Echar una cabezadita   Een siesta doen  
Echar una mirada, un vistazo a   Een blik werpen op iets  
El ratoncito Pérez   De tandenfee  
¡En qué lío me he metido!   Wat ben ik begonnen?  

¡Encantado, -a (de conocerle)!

- ¡Mucho gusto!

 

 Aangenaam kennis te maken met u!

 Aangenaam! Het is mij een genoegen!

 

¡Enhorabuena!

 

 Gefeliciteerd! (bij prestaties)

 
Entra por un oído y sale por el otro   Het gaat het ene oor in en het andere uit  
Entre comillas   Tussen aanhalingstekens (ook figuurlijk)  
Entre sueños   Dommelend, in je slaap  
Erre que erre   Kost wat kost  
Está para tirar   Het is versleten; kan weggegooid worden  
Estamos llegando   We zijn er bijna  
Estar a dos velas   Op zwart zaad zitten  
Estar a las alturas   Opgewassen zijn tegen  
Estar a las duras y a las maduras   Er voor elkaar zijn in goede en in kwade tijden  
Estar a pan y agua   Op water en brood zitten  
Estar a la vuelta de la esquina   Om de hoek gelegen zijn  
Estar al pie del cañón   Paraat staan  
Estar bien   Gezond zijn, tevreden zijn, genoeg zijn  
Está bien que lo hagas   Het is correct dat je het doet.  
Estar calado, -a hasta los huesos   Doornat zijn  
Estar como un tren   Erg knap zijn  
Estar con la mosca detrás de la oreja   Nattigheid voelen  
Estar de bote en bote   Stampvol zijn  
Estar de cumpleaños   Jarig zijn  
Estar de enhorabuena   Dolgelukkig zijn, boffen  
Estar en ascuas   Op hete kolen zitten  
Estar en Babia    Wegdromen, verstrooid zijn  
Estar en la brecha  

Klaar staan, in de startblokken staan;

op de bres staan

 
Estar en todo   Op alles bedacht zijn  
Estar entre Pinto y Valdemoro   In dubio staan, twijfelen  
Estar fresco,-a/fresquito,-a como una lechuga   Zo fris als een hoentje zijn  
Estar harto, -a   Het beu zijn  
Estar hasta las narices   De keel uithangen  
Estar hecho,-a una fiera   Razend zijn  
Estar más claro que el agua   Zo klaar als een klontje zijn  
Estar más blanco, -a que el papel   Er lijkbleek uitzien  
Estar pendiente   In spanning afwachten  
Estar metido, -a en un lío   In de knoei zitten  
Estar por las nubes   De pan uitrijzen   
Estar sobre la mesa (un tema)   Komt ter sprake  
Estirar las piernas   De benen strekken  
Esto va a misa   Moeders wil is wet  
F      

El favor de la duda,

El beneficio de la duda

  Het voordeel van de twijfel  

Fumar como un carretero 

  Roken als een ketter  
G      
Gracias de antemano, gracias de anticipado, con (mis) gracias anticipadas   Bij voorbaat dank.  

 

H

     
Ha llovido mucho desde entonces   Sinds toen is er veel water door de Rijn gestroomd  
Hablar más de la cuenta   Zijn mond voorbij praten  
Hacer caso   Letten op  
Hacer de las suyas   Lastig doen  
Hacer esquina   Op de hoek van twee straten gebouwd staan  
Hacer la(s) maleta(s)   Zijn koffers pakken  
Hacer la vista gorda   De andere kant uitkijken  
Hacer memoria   In je geheugen graven  
Hacerse añicos   In gruzelementen vallen  
Hacerse la mosquita muerta   Je van de domme houden  
Hacerse el sueco   Zich doof houden  
Hacerse ilusión(iones)   Zich illusies maken, zich verheugen  
Hacer su agosto   Gouden tijden beleven  
Ha sido un placer   Het was een genoegen  
Hay gato encerrado   Er is iets niet pluis  
Hay moros en la costa   Er is gevaar  
He aquí   Ziehier  
Hilo y aguja   Naald en draad  
Hola a todos, todas   Hallo allemaal  
Hoy mismo   Vandaag nog  

 

I

     
Igualmente   Van hetzelfde, insgelijks  
Ir a paso de tortuga   Met een slakkegangetje gaan  
Ir de estreno   Gloednieuwe kleren dragen  
Ir de picos pardos   Zijn tijd nutteloos verdoen; op de lappen gaan  
Ir de punta en blanco   Piekfijn uitgedost zijn  
Ir de vacaciones   Op vakantie gaan  
Ir por algo   Iets gaan kopen  
Ir por partes   Niet alles tegelijk behandelen  
Irsele a uno el santo al cielo   Iets glad vergeten zijn   
Ir y venir   Komen en gaan  

 

L

     
La flor y nata   De crème de la crème  
Labia no te falta   Je bent niet op je mondje gevallen  
Llamar a capítulo   Op het matje roepen  
Llamar al pan, pan   Een kat een kat noemen  
Llegar a mesa puesta   Aankomen wanneer al het werk al gedaan is  
Llevarse a cabo   Volbrengen, uitvoeren , tot stand brengen  
Llevarse bien/mal   Goed/slecht met elkaar kunnen opschieten  
Llevarse consigo   Met zich mee brengen, tot gevolg hebben  
Llevar puesto, -a, -os, -as   Dragen  
Lo mismo no viene   Voor hetzelfde geld komt hij niet  
Lo que nos faltaba   Dat ontbrak er nog maar aan  
Lo siento   Het spijt me  
Lo veo claro   Dat zie ik wel zitten  
Lo veo difícil   Dat zie ik niet zitten  

 

M

     
Mantener el tipo   Iets aankunnen, moedig blijven  
Más o menos   Min of meer  
Lo mejor posible   Zo goed mogelijk  
¿Me das tu número de teléfono?   Mag ik jouw telefoonnummer?  
Me lo quitas de la boca   Je haalt mij de woorden uit de mond.  
Me da lo mismo    Het is mij om het even.  
Me viene de perlas   Dat komt me prima uit  
Medio mundo   Veel volk  
Medir(i) 1,73 m   1.73 lang zijn (personen)  
Me parece muy chulo   Het lijkt me erg leuk, cool.  
Me quita un peso de encima.   Dat is een pak van mijn hart.  
Me uno a tu dolor   Ik leef met je mee.  
Merecer la pena   De moeite waard zijn  
Meter las narices en todo   Zich overal mee bemoeien  
Meter la pata   Een blunder maken, een flater slaan  
Mezclar lo útil con lo agradable   Het aangename met het nuttige verenigen.  
Mirarse a los ojos   Elkaar in de ogen kijken  
Mirar a las musurañas   Zitten te mijmeren, aan iets anders denken  
Mira quien habla   Dat moet jij nodig zeggen  
Mira por donde   Wie had dat gedacht  
Mira tú   Kijk nou toch eens  
Morirse de impaciencia   Popelen van ongeduld  
Morir sin sol, sin luz y sin moscas   Moederziel alleen sterven  
¡El mundo es un pañuelo!   Wat is de wereld toch klein!  
Muy buenos días   Een heel goedemorgen  
Muy de noche   Diep in de nacht  

 

N

     
No acabo de entenderlo.   Ik begrijp het maar niet.  
No corre prisa   Er is geen haast bij  
No dar golpe   Geen klap doen  
No dar pie con bola   Je voortdurend vergissen   
No decir esta boca es mía/no decir ni chus ni mus/no decir ni mu   Zwijgen, geen woord zeggen  
No doy con la palabra   Ik kan niet op het woord komen  
No es lo mío   Het spreekt mij niet aan, het is niet echt mijn ding  
No es para tanto   Zo erg is het ook weer niet  
No estar muy católico   Niet erg lekker zijn, zich niet goed voelen  
No hay derecho   Dat pik ik niet  
No hay mal que cien años dure   Eind goed, al goed  
No hay pérdida  

Het is heel gemakkelijk te vinden

 

No hay pero que valga   Van maren kan geen sprake zijn  
No le falta razón   Hij heeft geen ongelijk  
No me convence   Dat overtuigt me niet, dat geloof ik niet  

¡No me lo esperaba!

¡No esperaba tanto!

  Dat had ik niet verwacht!  

No pasa nada

  Dat is helemaal niet erg  
No pegar ojo   Geen oog dichtdoen  
No probar bocado   Helemaal niets eten, geen hap aanraken  
No puedo verlo ni en pintura   Ik kan hem niet uitstaan.  
No sale hasta las seis   Hij/zij vertrekt niet vóór zes uur.  
¡No seas sonso!   Doe niet zo dom!  
¡No seas tan pelota!   Zit niet zo te slijmen!  
¡No seas tonto!   Doe niet zo dwaas!  
No ser moco de pavo   Niet te onderschatten zijn  
No sirve para nada   Dat dient nergens toe  
¡No te precipites!   Loop niet zo hard van stapel!  
¡No te desanimes!   Laat de moed niet zakken!  
¡No te molestes!   Doe geen moeite!  
No tener donde caerse muerto   Straatarm zijn  
¡No te lo creo!   Dat kan ik niet geloven!  
¡No te pongas así!   Stel je niet zo aan!  
No tener pérdida   Gemakkelijk te vinden zijn  
¿Nos cobra?   Kunnen wij afrekenen?  
Nunca se sabe   Je weet maar nooit  

 

P

     
Pagar a escote   Het eindbedrag van de restaurantrekening betalen door het aantal aanwezige personen  
Pan comido   Fluitje van een cent  
Para colmo   Tot overmaat van ramp  
Partirse de risa   Het bescheuren van het lachen  
Pasar la noche en blanco   Een slapeloze nacht hebben  
Pasa un ángel   Er gaat een dominee voorbij  
Pedir hora con   Een afspraak maken (bij dokter, tandarts)  
Pensar en las musurañas   Zitten te mijmeren, aan iets anders denken  
Perder los papeles   De kluts kwijtraken  
Permiso   Mag ik even door?  
Picarse por nada   Gauw op zijn teentjes getrapt zijn.      
Poner algo sobre el tapete   Iets in de groep gooien  
Poner la mesa   De tafel dekken  
Ponerle los cuernos a alguien   Iemand ontrouw zijn in een relatie  
Ponerle la piel de gallina a alguien   Kippenvel krijgen van iets  
Ponerse las botas   Copieus eten  
Ponérsele a uno los pelos de punta  

Iemands haren ten berge doen rijzen

 

Poner unos ojos como platos   Enorme ogen opzetten  
Ponerse en cuclillas   Hurken  
Poner a alguien en el baúl de los recuerdos   Iemand compleet vergeten zijn  
Poner una pica en Flandes   Iets moeilijks voor elkaar krijgen  
Por los pelos   Met de hakken over de sloot  
Por malas artes   Op een slinkse manier  
¡Por muchos años!   Op de jaren die nog komen!  
Predicar con el ejemplo   Het goede voorbeeld geven  
Presidir la mesa  

Aan het hoofd van de tafel zitten; voorzitten

 

Punto y aparte   Punt, nieuwe regel  
¡Punto a la boca!   Mondje dicht!  

 

Q

     
¿Qué adelantas, sacas con eso?   Wat schiet je daarmee op?  
¡Qué bien te veo!   Wat zie je er goed uit!  
¡Qué coincidencia!   Wat een toeval!  
Que yo recuerde, ...   Voor zover ik me herinner, ...  
Que yo sepa, ...   Voor zover ik weet, ...  
¿Qué mosca te ha picado?   Wat bezielt je?  
Quedarse a la luna de Valencia   Teleurgesteld achterblijven  
Quedarse de piedra   Stomverbaasd zijn  
¡Qué más da!   Wat geeft het!  
Quien más, quien menos   De ene wat meer dan de andere  
¿Qué número calzas?   Wat is jouw schoenmaat?  
¿Qué pinta X aquí?   Wat voert X hier uit?  
¡Qué sé yo!    Weet ik veel!  
¿Qué talla llevas?   Wat is jouw kledingmaat?  

¿Qué tal?

 - Fatal

 - (Va) tirando

 

Hoe gaat het?

Heel slecht

Matig

 
Quitar, levantar, recoger la mesa   De tafel afruimen  
¡Que te mejores!   Beterschap!  

 

 

S

     
¿Sabes lo lejos que está eso?   Weet je wel hoe ver dat is?  
Saber un rato sobre algo   Heel wat afweten van ietsSacar el  
Sacar el carné/carnet de conducir   Het rijbewijs halen  
Sacar a bailar   Ten dans vragen  
Sacar X años, meses, metros   Voorliggen (in leeftijd, bij sport)  
Sacar buenas notas   Goede cijfers halen  
Salirse con la suya   Zijn zin krijgen  
Secreto a voces   Publiek geheim  
Se me hace tarde   Dat wordt me te laat  
Se le cayó el alma a los pies   De moed zonk hem/haar in de schoenen  
Seguir en sus trece   Voet bij stuk houden  
Sentar bien   Goeddoen, deugd doen  
Sentirse a sus anchas   Zich op zijn gemak voelen  
Ser como el agua y el aceite   Heel verschillend zijn qua karakter  
Ser de pura cepa   Rasecht zijn  
Ser flaco, -a de memoria    Een slecht geheugen hebben  
Ser la hostia   Té gek/geweldig zijn  
Ser más pobre que una puta en cuaresma   Zo arm als een kerkrat zijn  
Ser más serio, -a que un ajo   Bloedserieus zijn  
Ser parco,-a en palabras   Weinigzeggend zijn, niet veel praten  
Ser rebuscado   Gekunsteld, vergezocht zijn.  
Ser tal para cual   Aan elkaar gewaagd zijn  
Ser todo oídos   Een en al oor zijn  
Ser una cabeza dura   Een stijfkop zijn  
Ser una urraca   Hebberig zijn  
Ser uña y carne   Onafscheidelijk zijn, heel goede vrienden zijn  
Si mal no recuerdo   Als ik me goed herinner  
Si bien se mira   Alles welbeschouwd, als je het goed bekijkt  
Soltar un taco   Vloeken  
Somos siete   Wij zijn met z'n zevenen  
Soplar X velas   X jaar oud worden  
Suma y sigue   En ga zo maar door  

 

T

     
(Y) tan amigos   (En) even goede vrienden  
Tener algo claro, -a   Zeker zijn van iets  
Tener buena mano para algo   Bekwaam zijn in iets  
Tener canguelo   Het Spaanse benauwd hebben  
Tener cara de cansado, -a   Er moe uitzien  
Tener calor/frío   Het warm/koud hebben  
Tener chispa   Geestig, gevat zijn  
Tener la sangre caliente   Erg opvliegend zijn  
Tener morro   Lef hebben  
Tener mucha labia   Welbespraakt zijn  
Tener muchos humos, tener ínfulas   Erg verwaand zijn, zich veel verbeelden  
Tenerle manía a alguien, algo   Een hekel hebben aan iemand, iets  
Tener preferencia   Voorrang hebben  
Tener manos de trapo   Twee linkerhanden hebben  
Tener miedo a/de   Bang zijn voor  
¿Te viene bien?   Schikt het jou?  
Tirar a burdeos (u otro color)   Bijna bordeauxkleurig (of een andere kleur) zijn  
Tirar la casa por la ventana   Het geld over de balk gooien  
Tirar la toalla   De handdoek in de ring gooien, het opgeven  
Tocar tierra   Aanmeren (van boot)  
¡O todos moros o todos cristianos!   We doen het met z'n allen of we doen het niet!  
Tomar el pelo a una persona   Iemand beetnemen, voor de gek houden  
Tomar tierra   Landen (van vliegtuig)  
¡Tú dirás!   Zeg het maar!  

 

U 

     
Una cosa no quita la otra    Het ene sluit het andere niet uit  
Un golpe bajo   Een gemene streek  
Una pareja de hecho   Een officieel samenwonend stel  
Un perro verde   Een rare snijboon  

 

V

     
¡Vale la pena!   Het is de moeite waard!  
Vamos a darnos prisa   Laten we opschieten  
¡Vaya morro!   Wat een lef!  
Véase al dorso   Zie ommezijde  
Venir de perillas   Als geroepen komen  
Ver las estrellas   Sterretjes zien   
¡Vete a freír espárragos!    Loop naar de maan!  
 Y      
¿Ya le atienden?   Wordt u al geholpen?  
¡Ya lo creo!    Nou en of!  
¡Ya está!    Klaar is Kees!  
¡Ya lo sé!    Dat weet ik al!  
¡Ya lo veo!    Nou begrijp ik het!  
ya me lo imagino    Dat kan ik me best voorstellen  
 ¿Ya ves?    Zie je wel?  
¡Yo qué sé!   Weet ik veel!   
Yo que tú   In jouw plaats  

 

Historische uitspraken

     
Divide y vencerás.   Verdeel en heers.   
Mente sana en cuerpo sano.   Een gezonde geest in een gezond lichaam.  
Pienso, luego existo.   Ik denk, dus ik besta.  
Ser o no ser, esa es la cuestión.   Zijn of niet zijn, dat is de vraag.  
Vine, vi y vencí.    Ik kwam, zag en overwon.   

 

Presidir la mesa







Beter Spellen  Beter Rekenen  NU Beter Engels  NU Beter Duits  NU Beter Frans  NU Beter Spaans  Beter Bijbel  

© 2019 - NU Beter Spaans is een initiatief van  Martin van Toll Producties

in samenwerking met de redactie van NU Beter Spaans