|
14091 actieve gebruikers Inloggen bestaande gebruiker Aanmelden nieuwe gebruiker Naar mobiele versie |
||||
- ¿Te traigo unas mandarinas?
- Sí, (breng ze voor me mee) ........ , por favor, si no te importa.
trae = gebiedende wijs (tú) van traer
me = voor mij (meewerkend voorwerp)
las (lijdend voorwerp): slaat terug op las mandarinas
Bij een gebiedende wijs bevestigend: de persoonlijke voornaamwoorden erachter en eraan vast + een accent
op het werkwoordsdeel om de klemtoon daar te handhaven.
Voy a prepararme un café y ........ en el balcón.
comerse, tomarse = eten, drinken. Deze constructies met se komen vooral in spreektaal voor en hebben dezelfde betekenis als comer en tomar.
me lo: bij twee persoonlijke voornaamwoorden staat het meewerkend voorwerp (me) altijd vóór het lijdend voorwerp (lo).
tomármelo: me lo worden achter het werkwoord geplaatst en eraan vast geschreven als het om een infinitief gaat.
Cuando alguien (niest) ........ , dices ¡Jesús!
estornudar = niezen
¡Jesús! = Jezus. Te vergelijken met het Nederlandse 'Gezondheid!'
llorar = huilen
sonarse (las narices) = zijn neus snuiten
toser = hoesten
Mi (oudtante) ........ vive en Lisboa.
tía abuela = oudtante, zus van grootmoeder of grootvader, echtgenote van de broer van grootmoeder of grootvader
tía mayor = oudste tante
yaya = koosnaam: grootje, oma
Het begrip abuela tía bestaat niet.
© 2019 - NU Beter Spaans is een initiatief van Martin van Toll Producties in samenwerking met de redactie van NU Beter Spaans |