Necesito un paraguas (grote) ........ , porque va a llover fuerte.
Ik heb een grote paraplu nodig, want het gaat flink regenen.
un paraguas grande = een grote paraplu
De andere opties zijn hier niet correct.
gran = groot; groots (wordt gebruikt vóór een zelfstandig naamwoord enkelvoud en heeft dan een figuurlijke betekenis)
grandes = groot (hoort bij meervoud)
Mauricio (draagt) ........ una camisa negra.
llevar = dragen (o.a. van kleding)
camisa = overhemd
portar = apporteren (jachthond)
tener (ie) = hebben
traer = brengen
¿Dónde está mi (vork) ........ ?
vork = tenedor
cuchara = lepel
cucharón = opscheplepel; pollepel
cuchillo = mes
(Dat dorp daarginds heeft zo'n honderd inwoners.)
........ pueblo tiene unos cien habitantes.
aquel = die, dat daarginds (vóór mannelijk enkelvoud)
este = dit (vóór mannelijk enkelvoud)
De vormen este, aquello, esto zijn hier niet correct.