Alcaraz (wint) ........ el partido de tenis.
Alcaraz wint de tenniswedstrijd.
ganar = winnen; verdienen
gana: 3e persoon enkelvoud
Het werkwoord gagnar bestaat niet.
De vorm gane is hier niet correct.
Carlos Alcaraz (2003) is een Spaanse toptennisser.
(De Seine) ........ pasa por París.
el Sena (namen van rivieren zijn mannelijk) = de Seine
De andere vormen zijn niet correct.
Esta mermelada cuesta 5,60 €.
Deze confituur kost € 5,60.
In het Spaans staat het euroteken achter het bedrag.
Men zegt meestal: cinco con sesenta (zonder de euros) of eenvoudigweg cinco sesenta.
costar (ue) = kosten
mermelada = confituur, jam
La vecina (parkeert) ........ su coche.
De buurvrouw parkeert haar auto.
aparcar = parkeren
apartar = wegzetten
parar = stoppen
pasar = passeren, inhalen