El profesor ha marcado las expresiones superfluas.
superfluo, -a = overbodig
overdreven = exagerado, -a
vergezocht = rebuscado, -a
verwarrend = enredado, -a
In spreektaal noemt men een inwoner van Madrid een ........ .
gato = kat (Madrilenen hebben de naam 's nachts te gaan stappen)
oso = beer
papagayo = papegaai
perro = hond
No debes (appels met peren vergelijken) ........ .
appels met peren vergelijken = mezclar churras con merinas
churras en merinas zijn schapensoorten
mezclar = mengen, door elkaar halen
amontonar = ophopen, opstapelen
comparar = vergelijken
equiparar = gelijkstellen
Cuando me pica un insecto, quiero (mij krabben) ........ .
rascarse = zich krabben
rapar= scheren; afkrabben
rasgar = (ver)scheuren; krabbelen (notitie)
rasurar = scheren