(Eens kijken wie er aan de deur belt.)
A ver quién llama ........ la puerta.
aan de deur bellen = llamar a la puerta
De andere opties zijn hier niet correct.
(Het wereldkampioenschap) ........ de bádminton tiene lugar en Huelva.
(el) mundial = (het) wereldkampioenschap
De combinaties la mundial, el/la mondial zijn niet correct.
(Ik ben dol op lasagne.)
Me encanta ........ .
Anders dan in het Nederlands wordt in het Spaans het bepaald lidwoord gebruikt vóór een zelfstandig naamwoord dat in algemene zin wordt bedoeld. → Me encanta la lasaña.
De spelling 'lasagna' is niet correct in het Spaans.
Hola, compañera, ¡(een heel) ........ buenos días!
muy buenos días = een heel goede morgen
unos buenos días = een paar goede dagen
De combinatie todos buenos días is niet correct.