7093 actieve gebruikers

Inloggen bestaande gebruiker
Aanmelden nieuwe gebruiker

Naar mobiele versie



Zelfstandig naamwoord | geslacht


In het Spaans zijn zelfstandige naamwoorden óf mannelijk óf vrouwelijk:

 

zelfstandige naamwoorden die eindigen op -o zijn over het algemeen mannelijk:

  • el amigo = de vriend
  • el teléfono = de telefoon

zelfstandige naamwoorden die eindigen op -a zijn over het algemeen vrouwelijk:

  • la amiga = de vriendin
  • la casa = het huis

 

Uitzonderingen op deze regel:

 

Mannelijk:

  • el clima = het klimaat
  • el día = de dag
  • el idioma = de taal
  • el mapa = de landkaart
  • el planeta = de planeet
  • el problema = het probleem
  • el programa = het programa
  • el sistema = het systeem
  • el tema = het thema
  • el tranvía = de tram

Vrouwelijk

  • la foto = de foto
  • la mano = de hand
  • la moto = de motorfiets
  • la radio = de radio

 

Zelfstandige naamwoorden die eindigen op een -e kunnen mannelijk en vrouwelijk zijn:

  • el nombre = de naam
  • el restaurante = het restaurant
  • la calle = de straat
  • la tele = de televisie

 

Zelfstandige naamwoorden die zijn samengesteld uit een werkwoord en een zelfstandig naamwoord zijn mannelijk, zoals:

  • cumplir años > el cumpleaños = de verjaardag
  • sacar corchos > el sacacorchos = de kurkentrekker

 

 

De meervoudsvorm blijft dezelfde:

  • los sacacorchos

 

Zelfstandige naamwoorden die zijn samengesteld uit twee zelfstandige naamwoorden hebben hetzelfde geslacht als het belangrijkste (vaak het eerste) zelfstandig naamwoord:

  • un puntapié = een trap (una punta con el pie)

Anders dan Nederlandse samengestelde zelfstandige naamwoorden, worden combinaties in het Spaans als volgt gevormd:

zelfstandig naamwoord + de + zelfstandig naamwoord.

Het geslacht is afhankelijk van het eerste (belangrijkste) zelfstandig naamwoord.

  • una repartidora de pizzas = een pizzabezorgster
  • un mercado de quesos = een kaasmarkt

Bijzonderheden bij geslacht 

Bij de aanduiding van personen geldt als algemene regel dat, ongeacht de uitgang:

de zelfstandige naamwoorden die een mannelijk wezen aanduiden mannelijk zijn;

de zelfstandige naamwoorden die een vrouwelijk wezen aanduiden vrouwelijk zijn.

  • el policía = de politieagent
  • la policía = de politieagente

 

Vaak wordt een vrouwelijk persoon aangeduid door achter het mannelijk zelfstandig naamwoord een -a te zetten óf door de -o te veranderen in -a.

  • el director > la directora = de directeur (m/v)

 

Zelfstandige naamwoorden op -a, -e of -ista hebben gewoonlijk dezelfde vorm voor mannelijke en vrouwelijke personen.

  • el artista = de artiest
  • la artista = de artieste 
  • el intérprete = de tolk (m)
  • la intérprete = de tolk (v)

 

Sommige zelfstandige naamwoorden hebben een dubbel geslacht. Aan het vrouwelijk woord wordt de voorkeur gegeven in dichterlijk taalgebruik.

  • el color = la color = de kleur
  • el mar = la mar = de zee
  • el puente = la puente = de brug
  • el arte = el arte (f) = de kunst
    el arte (f) krijgt het mannelijk bepaald lidwoord vanwege de beklemtoonde a. In het meervoud bestaat alleen de de vrouwelijke vorm: las artes.

 

Sommige zelfstandige naamwoorden hebben een verschillende betekenis al naargelang ze mannelijk of vrouwelijk zijn:

  • el barco = het schip
  • la barca = de (roei)boot







Beter Spellen  Beter Rekenen  NU Beter Engels  NU Beter Duits  NU Beter Frans  NU Beter Spaans  Beter Bijbel  

© 2019 - NU Beter Spaans is een initiatief van  Martin van Toll Producties

in samenwerking met de redactie van NU Beter Spaans