"Si yo no ........ , tú no comes", dicen los campesinos europeos.
producir = produceren
Bij werkwoorden op -ecer, -ocer, -ucir verandert de -c- in -zc- in de ik-vorm. Bijvoorbeeld bij parecer, conducir, aparecer.
¿Cuándo es la entrega de ........ diplomas?
Wanneer is de uitreiking van de diploma's?
entrega = uitreiking
diploma (el) = diploma; Spaanse zelfstandige naamwoorden die eindigen op -ma, zijn meestal mannelijk.
En este pueblo hay 2021 casas.
De volgorde bij getallen is duizendtal - honderdtal - tiental - eenheid.
Tussen duizendtal en tiental staat geen 'y' en ook niet tussen honderdtal en eenheid maar tussen tiental en eenheid wel.
hay = er is; er zijn
pueblo = dorp; volk
En la casa de Miriam hay (een wijnkelder) ........ donde guardan vino.
bodega = wijnkelder
guardar = bewaren
bodegón = eetcafé
sótano = kelder
taberna = taveerne, kroeg